Skip to main content
Tag

crisis

Jonge ondernemer en technologiedeskundige Danny Mekić’s verwachtingen van 2013

By Niet gecategoriseerdNo Comments

Wat verwacht jij persoonlijk van 2013?

We zijn in een economische crisis terecht gekomen, of tenminste, dat is het naampje dat de stand der wereldorde heeft meegekregen. Volgens de Van Dale betekent crisis dat we in een periode van ‘slapte en werkloosheid’ terecht zijn gekomen, of een ‘gevaarlijke toestand’. Toen het woord in 1763 ontstond werd echter vooral gedoeld op een aanwezig zijnde keerpunt, en dat lijkt ook nu weer het geval te zijn.

Gaat het nu zo slecht met de wereldeconomie of ging het jarenlang –ogenschijnlijk– te goed? De motor is oververhit geraakt: de afgelopen jaren zijn we op meerdere momenten, op verschillende manieren en op meerdere terreinen tegen de beperkingen aangelopen van ‘het systeem’, noem het de economie, waar we in gebotteld zijn. We hebben onze spieren verrekt, de motor moet afkoelen, we hebben ook geen keuze. Je zou de crisis ook een natuurlijke herverdeling kunnen noemen van vraag en aanbod, omdat de westerse wereld jarenlang in luchtkastelen heeft geleefd.

Toen ik in de rivier de Ardèche met mijn raft in een verkeerde stroming terecht kwam, sloeg hij om. Tijdens rafttrainingen wordt je geleerd geen verzet te geven aan sterke stromingen, dat verlies je toch, maar jezelf juist te beschermen en in veiligheid te brengen: proberen op je rug te blijven drijven terwijl je met je handen je hoofd beschermt. Zodra het weer wat rustiger wordt, is het juist zaak dat je met veel kracht en energie uit de verkeerde stroming probeert te zwemmen.

En dat is volgens mij precies wat mensen, maar ook de organisaties waar ik als consultant voor werk, moeten proberen te doen het komende jaar. Voor mij persoonlijk betekent dat héél erg veel lezen en onderzoeken over wat komen gaat, trends en ontwikkelingen die belangrijk zijn voor onze klanten: de stromingen in kaart brengen. En praten met de specialisten binnen de verschillende vakgebieden waar de uitdagingen voor bedrijven vandaan gaan komen, zodat we ze vanuit onze specialismen (technologie, media, communicatie, ondernemerschap en het recht) kunnen helpen voor te bereiden maar ook bij te sturen en, het liefst, optimaal te profiteren als het zover is.

Wat verwacht jij maatschappelijk van 2013?

Een van de grootste uitdagingen van het moment is de veranderende arbeidsmarkt. Het is bijna niet te bevatten wat daar nu gebeurt, omdat de verandering van zoveel verschillende kanten tegelijkertijd komt. Je kunt op twee verschillende manieren naar die arbeidsmarkt kijken: vanuit bedrijven/organisaties, en vanuit werkende (en werkzoekende) mensen. Bedrijven gaan de komende jaren steeds vaker te maken krijgen met krapte op de arbeidsmarkt, hoe gek dat ook klinkt. Alleen in Eindhoven al wordt op dit moment gezocht naar 30.000 hoogopgeleide en technisch geschoolde medewerkers, maar die zijn niet voor handen. Ook binnen groepen vakmensen zoals loodgieters zie je momenteel een grote vraag, terwijl de instroom van loodgieters al jaren minder groot aan het worden is. Die ontwikkeling zal zich over een groter geografisch gebied gaan verspreiden, maar ook andere beroepsgroepen komen aan de beurt. De crisis, of herverdeling, zal alleen vooraf gaan en dat betekent dat het komende jaar heel erg spannend wordt. Veel mensen zullen alsnog hun baan verliezen en anderen zullen het solliciteren en sollicitatiebrievenfabriceren nóg langer vol moeten houden. 2013 wordt daarom denk ik vooral het jaar van het uithoudingsvermogen. Mensen die opgeven zullen weggevoerd worden door de stroming, en niet merken wanneer het tijd is om er uit te zwemmen.

Hoe kun je zo goed mogelijk op de huidige economische situatie inspelen, als ondernemer maar ook al burger?

Het begint met twee duidelijke doelen: wat wil je het liefst bereiken?, maar ook: waar neem je genoegen mee als dat niet lukt? Het beste alternatief. Veel mensen zijn op zoek naar een baan of naar ander werk, maar als je ergens naar op zoek bent is het wel handig om het te kunnen herkennen. En om het je dus voor te kunnen stellen. Maar mijn ervaring is dat het moeilijk is om je heel precies voor te stellen hoe een fijne baan er uit ziet. En toch is het belangrijk daar een beeld of beschrijving van te hebben, waar kijk je anders naar uit?

In plaats van een drankspelletje op de vrijdagavond kun je prima met elkaar een gesprek voeren, vragen stellen, over hoe de ideale carrière van de ander er uit ziet. Welke organisaties daar bij horen. Hoe je die kunt benaderen. Wie je daarvoor moet hebben. Op school wordt je aangeleerd om te solliciteren op vacatures, maar een vacature ontstaat pas –wordt pas gepubliceerd op bijvoorbeeld een vacature website– als het het bedrijf niet lukt om de baan op een andere manier te vervullen. Het plaatsen van een vacature kost tijd en geld, dus een bedrijf zal altijd eerst proberen met bestaande contacten vrijgekomen banen op te vullen, méér dan ooit in crisistijd. Het is dus belangrijk dat je de juiste mensen leert kennen binnen jouw werkterrein, dat je goed nadenkt over waarom ze jóu een baan zouden moeten geven of, als je ondernemer bent, waarom je klanten met jóu zaken willen doen. Wat maakt jou waardevol, of hoe zorg je er voor dat je waardevol wordt? Het is niet alleen belangrijk dat je dat uitdraagt in bijvoorbeeld een sollicitatiebrief of cv, maar dat je je daar zelf ook heel erg bewust van bent. Wat maakt jou anders dan anderen die hetzelfde werk willen doen, of anders dan andere, vergelijkbare ondernemers?

Wat zijn de groeimarkten? Waar is de krimp enorm en waar kun je maar het beste weg blijven? En… klopt dat laatste wel, kan een krimpende markt niet ook interessant zijn?

Een paar van de best presterende groeimarkten zijn Kazachstan, Brazilië, Angola, Chili, Qatar, China en Hongkong en Vietnam. De middenklasse die in veel van deze economieën aan het groeien is neemt een vraag naar consumentenproducten mee, wat zorgt voor bedrijvigheid. Je ziet steeds meer jongeren kiezen voor het avontuur in het buitenland. 30.000 Nederlanders wonen en werken nu bijvoorbeeld in Silicon Valley, het technologiewalhalla van de grote Amerikaanse internetbedrijven, en hebben daar een goed leven. We weten niet wat de toekomst brengt, maar de Nederlanders die nu in Amerika wonen en werken hebben in elk geval een internationaal netwerk, en hebben al bewezen in staat te zijn zich aan te kunnen passen aan een veranderende economie. Dat zorgt voor een betere positie op de arbeidsmarkt.

Wat zijn de voordelen van een crisis?

Een crisis heeft geen voordelen. Wel biedt het meer kansen voor mensen die nog flexibel zijn op de arbeidsmarkt, voor mensen die nog omgeschoold kunnen (en willen) worden en dus in staat zijn de herverdeling, de veranderingen op de economie en in de wereld te kunnen volgen, en zo weer aansluiting te kunnen vinden op de nieuw ontstane arbeidsmarkt.

Dit interview is gepubliceerd in Penthouse

Steeds meer slachtoffers bankfraude internetbankieren

By Actualiteiten, TelevisieNo Comments

Fraude bij internetbankieren is het afgelopen jaar schrikbarend toegenomen. Miljoenen euro’s verdwijnen en het einde lijkt niet in zicht. Nieuwsuur maakte een reportage, met een bijdrage van onze internetexpert Danny Mekic’:

Mekic’: “Je ziet dat mensen steeds vaker waarschuwingen op hun beeldscherm krijgen. Op het moment dat je als consument dat hele dag waarschuwingen op je beeldscherm krijgt -en iedere psycholoog weet dat-, dan werkt dat na verloop van tijd niet meer.

Met name in de Tweede Kamer, maar ook bij de ministers en de verschillende departementen die hier over gaan, heeft niet iedereen de technische kennis om dit vraagstuk goed te kunnen beoordelen. En ik heb zelf het idee dat we in Nederland nog steeds te weinig internetrechercheurs hebben en dat er op het gebied van internet vanuit de overheid te weinig budgetten worden vrijgemaakt. Want we zijn de afgelopen tien jaar in een steeds meer digitaliserende samenleving terecht gekomen, terwijl als je ziet wat er met de politiebudgetten gebeurd is, die zijn eerder omlaag gegaan vanuit de overheid, dan omhoog. Terwijl we in wezen een tweede wereld erbij hebben gekregen: het is niet meer alleen blauw op straat, het is nu ook blauw op internet waar we als consumenten baat bij hebben.”

Technisch is het mogelijk het internetbankieren beter te beveiligen, maar daar kiezen de banken niet voor.

Mekic’: “Het probleem is vooral dat als één bank dat nu wil gaan doen, dat al die investeringen nu door die ene bank gedragen moeten worden én dat de consument denkt: ja wacht even, twee pincodes en een vingerafdruk, bij de buurman kan ik gewoon met een smsje inloggen. Dan raak je als bank misschien je klant kwijt. Dat willen banken niet, daarom moet de branche gezamenlijk dit soort dingen gaan doen. Maar dat is lastig in een tijd van economische crisis waarin dergelijke innovatiebudgetten worden teruggebracht.”

De Gelderlander: “Beveiliging internet hangt met plakband aan elkaar”

By ActualiteitenNo Comments

Één instantie die de beveiliging op internet controleert, bestaat niet, maar heeft ook geen zin, zeggen deskundigen. De overheid moet het heft in eigen hand nemen.

Jurist en internetdeskundige Danny Mekic’ (NewTeam) vindt het ‘krankzinnig’ dat de overheid dat niet al lang zo heeft geregeld. “Het is een primaire taak van de overheid om de privégegevens van burgers te beschermen. Veiligheid moet geen los thema zijn, maar een uitgangspunt voor alles wat de overheid doet.” Maar ook nu nog worden volgens hem de gaten gedicht en wordt er niet nagedacht over een fatsoenlijk veiligheidssysteem. “De overheid zou daarin voorop moeten lopen.” Maar het tegengestelde is het geval, vindt Mekic’. “Kijk naar het gestuntel rondom de OV-chipkaart of de mislukte site crisis.nl .”

Lees verder op de website van De Gelderlander

Het is crisis bij rampensite Crisis.nl

By Actualiteiten, Onderzoek, Opinie, Social MediaNo Comments

Vandaag verscheen onderstaand opiniestuk van de hand van NewTeam-partner Danny Mekić in nrc.next (p. 19):

Het is crisis bij rampensite Crisis.nl

Een tonnen kostende website wordt weggegooid, zonder dat deze ooit goed gefunctioneerd heeft. En niemand heeft de leiding.

Sluit ramen en deuren, schakel mechanische ventilatiesystemen uit en zet radio of tv aan op de aangewezen rampenzender. In geval van een crisis of ramp heeft onze overheid een belangrijke taak in het informeren en beschermen van haar burgers. Op het moment dat er bij een brand giftige stoffen vrijkomen of er sprake is van een terroristische dreiging, is het van het grootste belang om de instructies van de veiligheidsdiensten op te volgen.

Steeds meer Nederlanders verkiezen om verschillende redenen internet boven radio en televisie voor het consumeren van informatie. Internet maakt informatie niet alleen sneller en makkelijker toegankelijk, maar ook concreter: door tijdens een ramp te vragen naar iemands postcode kunnen ook hele specifieke instructies worden verstrekt, in iedere gewenste taal. Ook het sociale aspect van internet verrijkt de informatievoorziening want tijdens een ramp kan makkelijk informatie en hulp gevonden worden bij vrienden, collega’s en buurtgenoten via sociale media als Twitter, Hyves en Facebook.

Dat sociale media een belangrijke rol kunnen spelen ten tijde van crises werd duidelijk tijdens de recente protesten in de Arabische wereld, waarbij Facebook en Twitter intensief werden gebruikt om met de buitenwereld en met mede-opstandelingen te communiceren. Het gebruik van sociale media tijdens de Arabische Lente was erg effectief als het ging om de snelheid, toegankelijkheid en impact. Tv en radio hobbelden daar structureel achteraan.

Om in Nederland aan de digitale informatiebehoefte te kunnen voldoen tijdens crisissituaties, introduceerde de Rijksoverheid in 2005 de website crisis.nl. Op de website staat te lezen dat ‘crisis.nl bij een ramp (…) wordt vervangen door een pagina met actuele informatie over de ramp’, en daarmee het digitale alternatief voor de analoge radio en tv moet vormen. Een verstandig besluit van de Rijksoverheid waarmee een belangrijke behoefte in de samenleving wordt erkend en bevredigd, als de website tenminste te bereiken is als hij wordt ingezet. Maar crisis.nl faalde al bij de officiële opening: na 500.000 bezoeken (1 op de 24 Nederlandse internetters kwam een keer langs) raakte de website overbelast. Ook werden de ontwikkelingen rondom sociale media, waar bijna alle Nederlandse internetters gebruik van maken, compleet genegeerd: het project was bij de lancering al verouderd.

Dat was zes jaar geleden en de afgelopen jaren heeft het internet grote ontwikkelingen doorgemaakt. Dat geldt echter niet voor crisis.nl, dat ook ná de lancering met problemen bleef kampen: in 2007 werd de rampensite omver geblazen toen een grote storm over ons land raasde, gedurende de recente brand in Moerdijk was de website urenlang onbereikbaar en ook tijdens de grote Amsterdam havenbrand, afgelopen februari, liet crisis.nl het afweten. Juist op cruciale momenten liet de website burgers in de steek. En van de onmisbare koppelingen met sociale media is anno 2011 nog steeds geen sprake.

Na deze en andere incidenten met de site beloofde het kabinet beterschap. Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) hekelde afgelopen januari de onbereikbaarheid van de site: ,,Dat kan niet en dat moet niet. Dat gaan wij gewoon verbeteren.”

Vervolgens bleef het stil rondom het project. Om het stilzwijgen te doorbreken, diende de NOS een WOB-verzoek (Wet Openbaarheid van Bestuur) in en dat leidde tot interessante inzichten, zo bleek uit het NOS Journaal van afgelopen maandag. Uit documenten die de NOS heeft verkregen blijkt dat het consequent falende crisis.nl in de eerste drie jaar een slordige half miljoen euro te hebben gekost. Welke kosten in de jaren daarna zijn gemaakt is onduidelijk. Ook heeft de omroep geen antwoord gekregen op de vraag of de site is getest op grote aantallen bezoekers. Dat is opmerkelijk omdat in 2007 in antwoord op Kamervragen van oud-SP-parlementariër Arda Gerkens nog werd gesteld dat er regelmatig stresstesten worden uitgevoerd. De meest opmerkelijke bevinding van de omroep is misschien nog wel dat er binnen de betrokken ministeries grote onduidelijkheid blijkt te bestaan omtrent het project: betrokkenen melden dat veel afspraken niet schriftelijk zijn vastgelegd maar mondeling worden gemaakt en dat het volkomen onduidelijk is wie de leiding over het project heeft.

De crisis bij Crisis.nl lijkt compleet, nu uit niet-officieel door de NOS verkregen stukken blijkt dat er helemaal geen verbeteringen doorgevoerd gaan worden aan de website, zoals Opstelten beloofde. In plaats daarvan wordt de tonnen kostende website, zonder dat deze ooit goed gefunctioneerd heeft, weggegooid en eind dit jaar, met alle kosten van dien, vervangen door een gloednieuwe. Was het zo slecht gesteld met de site, dat deze niet verbeterd kón worden? En wordt dit het volgende falende IT-project van onze overheid, of trekt ze de stoute schoenen aan en laat ze zich onverwacht van haar innoverende kant zien?

-Danny Mekić

Beluister het opiniestuk als podcast:

Aanvullende informatie bij het opiniestuk:

Eind dit jaar wordt de vernieuwde cirsis.nl gelanceerd. Dat bevestigt een woordvoerder van het ministerie van Veiligheid en Justitie nadat de NOS over de website berichtte.

De in 2005 gelanceerde website, die is bedoeld om burgers te informeren tijdens grote rampen, bleek niet goed te functioneren. Bij de brand bij Chemie-Pack in Moerdijk was de site een uur uit de lucht. In 2007 was de site tijdens een grote storm onbereikbaar. Volgens de NOS, die inzage heeft gekregen in interne stukken van het ministerie, heeft de ontwikkeling en hosting van crisis.nl ten minste een half miljoen euro gekost.

De nieuwe website wordt volgens het ministerie stabieler en biedt ook integratie met sociale media.

Meer informatie over dit onderwerp:

Communicatie na vliegramp vertoonde gebreken

By OpinieNo Comments

Door Sietse Bakker:

De hulpverlening kwam na de crash van Turkish Airlines vlucht 1951, woensdagochtend op Schiphol, snel op gang en werd voor zover bekend terecht geprezen. Dit in schril contrast met de communicatie in de eerste uren na het fatale ongeluk, die ernstige gebreken vertoonde. Wachtende familieleden van de passagiers moesten uren lang op officiele informatie wachten en lieten zich vooral inlichten door Nederlandse en Turkse media, die op hun beurt weinig feitelijke informatie tot hun beschikking hadden. Ook blunderde de overheid met het crisisnummer 0800-1351, dat niet in gebruik bleek nadat het Ministerie van Binnenlandse Zaken aankondigde dat via deze lijn informatie over de ramp kon worden opgevraagd. Een analyse van een bewogen dag.

Om 10:31:33 begint het P2000-systeem van de regio Kennemerland een stroom van berichten uit te zenden. De hulpdiensten spreken van een VOS-6, oftewel Vliegtuig Ongeval Schiphol met 50 tot 250 betrokken passagiers. Enkele minuten later wordt gesproken van een incident op GRIP3-niveau. Bestuurlijke coördinatie vindt nu op regionaal niveau plaats. In normale taal; een Boeing 737-800 van Turkish Airlines met aan boord 134 mensen is enkele honderden meters voor de Polderbaan uit de lucht gevallen. De gevolgen van de crash zullen invloed hebben op de gehele regio.

Binnen een kwartier staan de landelijke media op scherp. Op basis van ooggetuigenverslagen en informatie van de hulpdiensten wordt geprobeerd een duidelijk beeld te krijgen van de omvang van de ramp. Bij gebrek aan nieuwe informatie citeren Nederlandse media het eerste uur de Turkse media, die over meer informatie lijken te beschikken. Terwijl verslaggevers van de NOS en RTL onderweg zijn naar de ramp-plek, doen overlevenden via hun mobiele telefoon live verslag van wat er gebeurt op de Turkse televisie.

Before hanging up

Om 11:45 uur citeren diverse Nederlandse media een woordvoerder van de luchthaven Schiphol, die CNN te woord stond. “Some passengers are dead, some are injured and some are alive, a spokesman from the airport’s press office said over the telephone before hanging up.” De korte impressie komt rommelig over, de communicatie onprofessioneel. Ondertussen is de website Schiphol.nl onbereikbaar. Pas anderhalf uur na het ongeluk is de website weer op te vragen, en staat er slechts een korte notificatie van het ongeluk op de voorpagina.

Om iets over twaalf reageert het eerste Nederlandse overheidsorgaan. De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding laat weten dat het “geen aanslag betreft.” Tien minuten later wordt een persconferentie aangekondigd, die om 13:00 uur moet aanvangen. Kort daarop wordt bekend dat de persconferentie naar 13:30 wordt verschoven, drie uur na de crash. Enkele dagen later zou loco-burgemeester Bezuijen tegen het NRC Handelsblad zeggen dat de communicatie-afdeling van Schiphol “tegen 12:00 uur aandrong op een persconferentie,” suggererende dat deze standaard geen onderdeel uitmaakt van het crisisplan van de luchthaven.

Inactief

Om 12:55 uur doen media verslag van de opening van het nummer 0800-1351 door het Ministerie van Binnenlandse Zaken, waar verontruste burgers en familieleden van passagiers terecht kunnen met hun vragen. Het nummer blijkt niet te werken. “U bent verbonden met het nationale crisisnummer. Dit nummer is op dit moment inactief,” klinkt een vrouwenstem. Tegelijkertijd blijkt de Engelse versie van de website Schiphol.nl nog altijd niet bereikbaar.

Het is 13:14 uur als Schiphol-woordvoerder Mirjam Snoerwang telefonisch de NOS te woord staat. Ze beschikt niet over nieuwe informatie en maakt een gestreste indruk. Ik vind het moeilijk om haar optreden te beoordelen. Enerzijds is goed te begrijpen dat een dergelijk incident ook op luchthavenmedewerkers een diepe indruk moet achterlaten en dat de druk opeens enorm hoog is, anderzijds mag verwacht worden dat juist wanneer er sprake is van een crisis, het afgestofte crisiscommunicatieplan geroutineerd wordt afgewerkt.

Een kwartier later meldt RTL dat Minister Cramer van Milieu haar werkbezoek aan Rotterdam afzegt in verband met de crash. “Premier Balkenende lijkt wel… tsja… spoorloos,” zegt de verslaggever. Terwijl de persconferentie op Schiphol begint – het is inmiddels 13:35 uur, openen Schiphol en de Gemeente Haarlemmermeer een – werkend! – informatienummer.

Chaotische persconferentie

De persconferentie verloopt chaotisch. Slechts één van de vijf personen die hun werk hebben neergelegd om achter de tafel plaats te nemen komt aan het woord. Loco-burgemeester Bezuijen van de Haarlemmermeer doet verslag van het aantal doden en gewonden, en maakt daarbij een pijnlijke misser; “Uiteraard willen wij (…) ons medeleven betuigen met de mensen die zijn omgekomen,” zegt hij. De vragen van journalisten kunnen geen van allen beantwoord worden. Een moderator ontbreekt, waardoor de persconferentie een zeer rommelige indruk geeft. Het ligt bijna voor de hand dat betrouwbare en gedetailleerde informatie op dit punt nog niet voorhanden is. Daarmee rekening houdend had het vragenrondje wellicht beter kunnen worden benut, bijvoorbeeld door kort iets te zeggen over de hulpverleningsprocedures die in gang zijn gezet.

Tegelijkertijd – we spreken ruim drie uur na de ramp waarbij negen dodelijke slachtoffers te betreuren zijn – verschijnt op de website Regering.nl een eerste officiële verklaring van Minister Eurlings, namens het kabinet.

Gebrekkige informatie voor wachtende familieleden

Ondertussen zijn ophalers van passagiers, waaronder vrienden en familieleden, overgebracht naar sportcentrum De Wildenhorst in Badhoevedorp. Daar wachten zij in spanning op dat wat komen gaat. Koffie, broodjes en mobiele toiletten (?) worden aangerukt, enkele psychologische hulpverleners staan ter beschikking. Later zullen landelijke media uitgebreid verslag doen van de enorme frustratie die de wachtenden moeten ondergaan. Terwijl nieuws omtrent het ongeluk en de slachtoffers wereldkundig wordt gemaakt tijdens een persconferentie, tasten de aanwezigen in de sporthal in het duister. “Ik ben hier al vijf uur ofzo en ik heb nog niemand van een overheidsinstantie gezien die mij is komen vertellen wat er is gebeurd,” zegt één van hen terwijl hij de sporthal verlaat. “Mensen binnen moeten het doen met hun mobieltjes en krijgen meer informatie van familie in Turkije die naar de televisie kijkt dan van voorlichters hier.” Het zou nog uren duren voordat duidelijk werd wie van de slachtoffers in welk ziekenhuis werd behandeld en waaraan.

Aan het werk!

Dat hulpverleningsdiensten uitstekend en adequaat hebben gehandeld is een diepe buiging waard. Dat hulpverlening de eerste prioriteit moet zijn, staat buiten kijf. Anderzijds mag worden verwacht dat de betrokken communicatieprofessionals juist in de context van een crisis adequaat en professioneel optreden. Bezuijen zei over enkele missers in het NRC Handelsblad van zaterdag 28 februari: “Er zijn altijd dingen die beter kunnen.” Gebrekkige woordvoering, lange radiostilte van de overheid, een niet werkend informatienummer, een chaotische persconferentie, een niet functionerende website en – veel erger – zeer beperkte informatievoorziening richting wachtende familieleden die willen weten hoe hun geliefden eraan toe zijn; dat had inderdaad anders gekund. Dat is, erken ik, makkelijk gezegd vanachter mijn laptop, mezelf realiserend dat nagenoeg elk crisiscommunicatieplan bij uitvoering in de praktijk gebreken en verbeterpunten blijkt te hebben. De gebeurtenissen van woensdag herinneren ons aan de vraag of de overheid en andere belangrijke spelers binnen de Nederlandse maatschappij hun (crisis)communicatieplannen op orde hebben. Wie herinnert zich nog de lancering van Crisis.nl, waarbij de website overbelast raakte vanwege de grote toestroom van bezoekers. Mijn advies voor iedereen die zo’n plan in de kast heeft staan: Loop het met alle betrokkenen nog eens goed door en laat daarbij meer dan genoeg ruimte om te brainstormen over mogelijke scenario’s. Voor wie zo’n plan niet heeft: Aan het werk!

Artikel met medewerking van Danny Mekic’, Sharon Kroes en Marieke Duijts.

 

Nederland en OS 2028 vooral communicatie-uitdaging

By OpinieNo Comments

De discussie omtrent het binnenhalen van de Olympische Spelen van 2028 heeft een nieuw hoogtepunt bereikt. André Bolhuis, namens het NOC-NSF verantwoordelijk voor het Olympisch Plan 2028 (OP28), zei eerder deze week: “Het Olympisch Plan werd tijdens de troonrede zelfs door de Koningin uitgesproken. Dat was geweldig. Onze volgende stap maken wij op drie december als onze plannen aan premier Balkenende worden gepresenteerd.” Dat laatste zal van kinderlijke eenvoud zijn, in vergelijking met de gigantische uitdaging waar het NOC-NSF het komende decennium voor staat: de bevolking warm laten lopen.

In Londen is men recent weer aan het twijfelen geslagen. Verschil met de voorgenomen kandidaatstelling van Nederland is dat Londen de Spelen al ‘in the pocket’ heeft. “Hadden we het maar geweten (dat er een economische crisis zou toeslaan, red), dan hadden we onszelf nooit voor de Spelen van 2012 kandidaat gesteld,” zou de verantwoordelijk minister hebben toevertrouwd aan een groepje insiders. Crisis of niet, de Spelen van 2012 moeten doorgaan.

2028 ligt gelukkig nog ver voor ons. Een aantal prominente Nederlanders, onder wie de Prins van Oranje en Erica Terpstra, maken zich sterk voor het binnenhalen van de Spelen, precies 100 jaar nadat de eer Amsterdam al eens ten deel viel. Hoewel een officiële kandidaatstelling nog moet plaatsvinden – dat zou pas over een jaar of 15 zijn – zou dit niet de eerste keer zijn dat Nederland een tweede Olympiade wil binnenslepen. In de jaren ‘80 was Amsterdam opnieuw kandidaat, dit keer voor de Spelen van 1992. De hoofdstad ging roemloos ten onder, viel al in de eerste stemronde af en Barcelona streek met de eer.

Over de oorzaak van het falen in de aanloop naar de Spelen van ‘92 werd lang gespeculeerd. Critici weten het verlies aan de sterke maatschappelijke anti-beweging en de geringe moeite die het comité had gedaan om de bevolking enthousiast te krijgen. Nederland liep gewoonweg niet warm voor de Spelen en zag het grootse evenement vooral als kostenpost. Nederland zou ‘te klein’ zijn voor zoveel internationale ambitie.

Al liggen de Olympische Spelen van 2028 nog 20 jaar voor ons en ligt de Nederlandse kandidaatstelling nog op de tekentafel, ook nu wordt de Olympische droom lauw ontvangen onder de bevolking. Bij de keuze van een gaststad zal het Internationaal Olympisch Comité ook nu veel waarde hechten aan maatschappelijk draagvlak. Werk aan de winkel voor het NOC-NSF dat, samen met de Nederlandse overheid, de burger enthousiast moet krijgen. Communicatie dus. Veel, consistente en heldere communicatie.

Er is werk aan de winkel voor het OP28-team. En voor communicatietalent. Wellicht doen de plannenmakers er beter aan de kaarten nog even voor zich te houden. Het risico van te vroeg pieken – we hebben nog zo’n 12 jaar te gaan voordat de gaststad voor de Spelen van 2028 wordt gekozen – ligt voor de hand. Wat het team niet ontbreekt is tijd. Tijd om na denken en met een goed plan voor de dag te komen. Een communicatieplan, welteverstaan. Want dat kan weleens de bepalende factor worden in het antwoord op de vraag of het er voor OP28 op, of eronder gaat worden…