All Posts By

Editor

To Blendle or not to blend?

By | Beschouwing | No Comments

De afgelopen weken stonden in het teken van de lancering van Blendle — een initiatief van Marten Blankesteijn en Alexander Klöpping —, de “iTunes voor journalistiek” die het mogelijk maakt om artikelen in kranten en magazines per stuk te kopen (met als grote verschil en opzichte van iTunes dat de auteur van het artikel er, voorlopig, niet direct voor wordt betaald). The Economist schreef er over:

If you want to prototype the iTunes of journalism, the Netherlands isn’t a bad place to start. The country has the highest rate of internet penetration in Europe and, even after more than a decade of internet-driven attrition, the Dutch journalistic landscape is still a crowded one. [..] Government media subsidies are gradually being cut back, but Blendle won a €200,000 grant from a government fund for new journalism ventures, matching the initial €200,000 put in by its founders and financial backers.

De reacties zijn voorlopig overwegend positief. Maar het kan nog wel even gaan duren voordat Blankesteijn en Klöpping de investering terugverdienen, zo merkte innovatie-expert en NewTeam-partner Danny Mekic’ op in het artikel:

You can’t tell anything from the usage statistics so far. Blendle users receive €2.50 worth of free credit at signup, and it could be weeks before most begin to spend substantial amounts of their own money. With Blendle taking 30% of the fees charged and the rest going to the publishers, the site will have to sell millions of articles just to recoup its initial investment. Still, its first week was promising, with 40,000 users signing up in just a few days.

Bij NewTeam hopen we vooral dat het de oprichters van Blendle gaat lukken om een voorwaardig platform te worden, waarbij lezers en auteurs direct, niet uitsluitend via uitgevers, aan elkaar kunnen worden gekoppeld. En dat we snel kunnen berichten over het introduceren van het Spotify- en Netflix-model: voor één bedrag per maand, onbeperkt lezen.

Snelheid internetverbinding verbeteren?

By | Actualiteiten | No Comments

Wie zijn internetsnelheid wil verbeteren kan ook zèlf aan de slag. Technologiedeskundige en NewTeam-partner Danny Mekic’ zette afgelopen zaterdag voor Kassa-kijkers op een rij waar je thuis op moet letten.

Wifi
Wie draadloos internet gebruikt via wifi heeft vaak een slechtere ontvangst dan wie mèt kabel internet. Hoe groter de afstand tot de zender (modem/router met wifizender), hoe zwakker het signaal en dus de snelheid van je netwerk. Je kunt de wifi-ontvangst verbeteren door de modem te verplaatsen, bijvoorbeeld van de meterkast naar de woonkamer, of vanachter de bank naar de vensterbank. Rechtop zetten van de modem verbetert soms ook het signaal. Probeer eens wat er gebeurt met je internetsnelheid als je de antennes verzet. Daarnaast kun je met een UTP-kabel bedraad gebruik maken van je internetverbinding. Plug de kabel in de modem aan de ene kant en je laptop of computer aan de andere kant.

Kabels
Het leven van een kabel gaat niet over rozen demonstreert Danny Mekiç in het filmpje. Modems worden verplaatst, verhuisd en aan kabels wordt dus getrokken en gedraaid. Dat kan ervoor zorgen dat de interne bedrading beschadigd raakt. Mekiç adviseert om de bekabeling daarom elke paar jaar te vernieuwen, zeker als je internetsnelheid niet optimaal is. Voor thuisgebruik worden vaak de CAT5E en AT6 UTP-kabels gebruikt. Die mogen voor een optimaal gebruik niet langer zijn dan 100 meter.

Afstand
Tegenwoordig maak je overal in en om het huis gebruik van het wifisignaal van je internetverbinding: op zolder, in de keuken en in de tuin. Bedenk wel: hoe verder van de modem, hoe zwakker het signaal. Natuurlijk kun je de netwerkkabel verlengen door je hele huis. Makkelijker is het om een wifiversterker (of repeater) te plaatsen. We besteedden eerder aandacht aan die apparaatjes. Ook kun je je elektriciteitsnet inzetten als computernetwerk. Dat doe je met netwerkadapters. Er zijn ook stroomnetadapters met een geïntegreeerde wifizender.

Apparatuur
Welke apparatuur je gebruikt kan ook invloed hebben op je internetsnelheid. Tablets en telefoons hebben soms een lagere maximumsnelheid dan laptops en desktops. Als je pc of laptop weinig intern geheugen heeft, dan kun je dat upgraden. Hierover kun je advies vragen bij een computerwinkel. Let wel op dat je éérst een backup maakt van je bestanden! Computers starten vaak automatisch verschillende programma’s. Dat kan de snelheid van je computer vertragen. Bij de instellingen van deze programma’s is meestal uit te schakelen dat het programma automatisch opstart. Controleer ook alle icoontjes in de menubalk en let op: schakel natuurlijk geen virusscanner of firewall uit! Ook met welke browser je internet bezoekt, kan invloed hebben op de snelheid. Je kunt uitproberen of op jouw netwerk bijvoorbeeld Internet Explorer, Firefox, Google Chrome of Safari voor een betere snelheid zorgt. Als pagina’s met advertenties veel trager laden dan andere websites dan kun je een ‘adblocker’ gebruiken. Door zo’n advertentieblokkade te installeren laden programma’s soms sneller. Veelgebruikte programma’s daarvoor zijn AdBlock en AdBlockPlus.

Modem/router
Een modem (of router) is uiteindelijk een apparaat waar software inzit. Veel mensen hebben al jaren dezelfde modem in huis. Dat kastje moet je regelmatig resetten via de aan/uitknop, maar je kunt vaak ook je provider vragen om dat op afstand te doen. Ook het updaten van je modem is van belang en ook hier kan je provider dat vaak regelen vanaf de klantenservice. Na een paar jaar gebruik is een modem aan vervanging toe. Sommige providers leveren automatisch regelmatig een nieuwe modem, bij andere moet je er om vragen of je contract verlengen. Moderne modems zijn ook op Marktplaats te koop.

Tot slot: als je je internetverbinding wilt verbeteren is het verstandig om dat te doen tijdens uren dat de klantenservice van je provider open is. Wie op zondagmiddag aan de slag gaat en een probleem tegenkomt, kan op dat moment immers geen hulp inschakelen.

Eerste World Hackathon Day groot succes

By | Actualiteiten | No Comments

De eerste World Hackathon Day (WHD), waar NewTeam-partner Danny Mekic’ aanwezig was om de organisatie en deelnemers met raad en daad te steunen, was een doorslaand succes: ruim 70 jongeren in Nederland en 400 jongeren in het buitenland haalden een nacht door om de wereld te verrassen met vernieuwende online applicaties. En met succes: moe maar voldaan kijkt Araik (13 jaar, founder van de Hackathon) terug op het event: “Ik was super zenuwachtig maar het ging veel beter dan ik verwacht had. Wat begon als hacken met een paar vrienden is uitgegroeid tot een mega event! Er hing een goede sfeer en iedereen was waanzinnig enthousiast en hard aan het werk!”

Het begon allemaal met het idee van Jesse (17) en Araik (13) om samen met een aantal vrienden een nacht lang te werken aan het maken van een online product. Al snel sloten steeds meer (online) vrienden zich aan bij hun plan en groeiden hun idee uit tot een groots event. Vrijdag 2 mei was de grote dag waarbij vanuit het hele land jongeren naar Amsterdam toekwamen. Tegelijkertijd startte de World Hackathon Day ook in Israel, Afrika, Marokko en India. De dag in Amsterdam startte met een feestelijke opening met toespraken van Boris (The Next Web), Haim Divon (ambassadeur Israel) en natuurlijk spraken de oprichters zelf. Vervolgens werden drie cases toegelicht door de sponsoren. D-reizen, ING en Amnesty International vroegen de jongeren om hen te helpen gebruik te maken van de nieuwste (online) technologieën en ontwikkelingen. Vervolgens werden er groepjes gemaakt van vijf personen en gingen de jonge hackers aan de slag. Naast nationale teams, waren er internationale teams die hebben samengewerkt via Google Hangouts. Danielle (22 jaar): “Het is echt bijzonder om met mensen uit Zuid-Afrika en Marokko samen te werken. Wij maken een online product voor ‘banking’ en dan merk je dat in het buitenland heel anders omgegaan wordt met bankproducten. Een vette uitdaging om onder ontzettende tijdsdruk samen tot een goed concept te komen.”

De deelnemers werden gedurende de dag bijgestaan door experts uit de online wereld. Danny Mekić (mentor, technologiedeskundige en in 2009 uitgeroepen tot ‘meest succesvolle jonge ondernemer’, NewTeam-partner): “De WHD bracht multinationals en jongeren bij elkaar, en bewees in 24 uur dat jongeren goed in staat zijn om problemen van grote organisaties op te lossen. Deze jongeren geven me hoop voor de toekomst. Hoop dat we de grote uitdagingen in de wereld aan kunnen, wát een positieve spirit heerste er gedurende de 24 uur!” Ook mentor Ruurd Kooistra (founder Keplar) is erg onder de indruk van de kwaliteiten van de jongeren: “Ik ben aangenaam verrast door de passie, de snelheid, het omgaan met feedback en de vakkennis die de jongeren bezitten. En dan te bedenken dat de meesten elkaar nog niet kenden! Ik hoop ze zo ver te krijgen dat ze voor ons bureau komen werken!” De WHD stond niet alleen in het teken van heel hard werken aan online applicaties, maar was ook een dag waar jongeren elkaar konden ontmoeten, plezier konden maken en in aanraking kwamen met de nieuwste technologieën. Zo waren de Oculus Rift, Google Glass, een 3D-printer en drones aanwezig. De jongeren genoten met volle teugen van het samenwerken en het beleven van alle innovatieve technologieën. Ties (14): “Een hackathon is voor mij een soort van feestje. Op het event heb ik allemaal jongeren ontmoet die ik online al kende. Echt leip om met hen in 24 uur een coole applicatie neer te zetten”.

Na een dag zweten was het om 17:00 uur dan eindelijk zo ver: de prijsuitreiking! Alle teams kregen vijf minuten om te laten zien wat ze gemaakt hadden. Volledige apps voor Android, iOS, nieuwe algoritmes en toepassingen van Voice en NFC werden gepresenteerd. Een uitdaging voor de jury, bestaande uit Yves Gijrath (mediaondernemer), Joost van der Plas (founder *bliep), Dirk Groten (CTO Layer) en Stephan Fellinger (online expert en chairman Spin Awards) om tot een uiteindelijke winnaar te komen. Winnaar in de categorie Travel was ‘Travelmatch’. Een concept dat ultiem vanuit de klant denkt en met behulp van Travel DNA en foto’s consumenten een relevante reis voorstelt. Het is een app die voor jou bedenkt wat jouw beste vakantieadres is. Joost: “Heel slim dat de jongeren een nieuw concept ‘travel DNA’ hebben bedacht waarbij reizigers enorm geholpen worden met het zoeken naar een vakantiebestemming”. In de categorie Charity heeft het winnende team een app ontwikkeld die foto’s authenticeert door middel van locatiecontrole en third party verificatie. Yves: “De jongeren hebben heel goed nagedacht over hoe ze een belangrijk probleem met de nieuwste technologieën kunnen oplossen, chapeau!”. Tenslotte won ‘Bliep it’ in de categorie Finance. Het is een concept dat gebruik maakt van voice en een betaalarmbandje om transacties te maken. Ideaal voor een oudere doelgroep die vaak bang is om te pinnen, maar ook voor iedereen die vaak zijn pincode vergeet. Stephan Fellinger: “Ik ben echt onder de indruk van het internationale team dat deze zware poule heeft gewonnen. Er wordt een groot maatschappelijk probleem opgelost door het gebruik van een bandje. Deze methode om te betalen is geniaal”. Niet alleen de jury was aangenaam verrast door de uitkomsten, ook de deelnemers zelf waren trots op wat ze bereikt hadden: Mathijs (25): “Ik heb eerder meegedaan aan een Startup weekend waarbij we 72 uur de tijd kregen om iets te maken, maar tijdens de WHD heb ik in 24 uur iets veel vetters in elkaar gezet.”

De eerste versie van de WHD was zo’n succes dat de founders het nu al hebben over de volgende editie: Jesse (17): “Het was deze keer al echt niet normaal. Er kwam zoveel pers op af, dat ik niet eens tijd had om iedereen te woord te staan. Volgend jaar gaan we sowieso weer de WHD organiseren en hopelijk wordt het dan nog groter, leuker en beter! Maar eerst ga ik naar bed want ik ben doodmoe.”

Waar moeten we naartoe gaan?

By | Uncategorized | No Comments

Iedereen die wel eens heeft gekeken naar een TED-talk of een ander soort lezing heeft de vraag wel eens gehoord. Waar gaat de wereld naar toe? Of beter, welk doel moeten we bereiken? Gemiddeld genomen hebben mensen voldoende inspiratie gekregen tijdens zo’n bijeenkomst, maar waar ze nu echt naar toe moeten weet niemand precies. Dit artikel is geschreven om te kijken hoe we op een zo goed mogelijke manier de richting waar we naar toe moeten als samenleving kunnen bepalen.

Om het doel op een goede manier te kunnen bepalen moet je allereerst een goede vraag kunnen stellen. Wat heb ik op dit moment nodig om, gevolgd door de behoefte om dit doel te kunnen verwezenlijken. Voor veel dingen op de korte termijn is het beantwoorden van deze vraag niet moeilijk. Op het moment dat je behoefte hebt aan een kop koffie om de dag goed te starten is het formuleren van de vraag simpel. Het wordt al moeilijker om te kijken hoe je gelukkig wordt op de lange termijn waarbij je iedere keer in de behoefte wordt voorzien. Veel mensen kunnen, simpelweg omdat ze van het bestaan van bijvoorbeeld vormen van technologie niets afweten, niet de goede vraag stellen. Het opknippen van de vraag is dus noodzakelijk.

Een belangrijk ding aan het stellen van de vraag is dat je zelf altijd het beste weet waar je behoefte aan hebt. Je kan uiteraard tot nieuwe inzichten komen wat het best voor je is nadat je advies hebt gekregen van je omgeving, maar uiteindelijk stel je altijd zelf de vraag. 

Aan de andere kant zie je dat er allerlei verschillende dingen zijn die al door de markt zijn gecreëerd. Iedereen die kan zorgen voor een betere transactie dan de markt stelt Nobelprijswinnaar Ronald Coase, begint een eigen organisatie. Dit schreef hij in “The Nature of the Firm”. Als iedereen die een betere transactie kan bieden dan de markt dit ook doet, kom je al gauw uit in een soort utopia. De vraag wordt ongeveer “Welke middelen heb ik nodig voor een gelukkig leven?” en het aanbod voldoet hieraan op maat.

Het woord “maat” impliceert hierin iets geks. Aan de ene kant heb je namelijk een centrale, niet op maat gestelde vraag, maar toch wil je ervoor zorgen dat je zo goed mogelijk in je behoefte wordt voorzien. Deze paradox verandert doordat de weliswaar de vraag bij iedereen hetzelfde is, maar iedereen op een ander antwoord uitkomt. Dit komt doordat er niet zoiets is als een gelijkheidsideaal. Wij verschillen van elkaar in leeftijd, geslacht en dus ook direct van behoefte. 

Wie in staat is om de ultieme transactie te kunnen leveren voor iedereen is spekkoper. In de snel veranderde wereld waarin mede door technologie behoeftes van mensen sneller dan ooit veranderen is het lastig hieraan te kunnen voldoen. Toch adviseer ik iedereen om te proberen zo goed mogelijk hun best te doen om te zorgen dat de ultieme transactie werkelijkheid kan worden. 

Zelfrijdende auto moet zelf schade vergoeden

By | Actualiteiten, Opinie | No Comments

Minder files, minder uitstoot van schadelijke stoffen en minder ongelukken. Meer tijd in een dag om te besteden aan wat dan ook. Ze zullen al gauw worden uitgerust met een blackbox en constante internetverbinding, waardoor flitspalen en trajectcontroles uit het straatbeeld gaan verdwijnen. In het begin voor de liefhebber, vervolgens onder invloed van lobbyisten fiscaal voordeliger gemaakt en misschien uiteindelijk zelfs verplicht gesteld: de zelfrijdende auto.

Maar wie is aansprakelijk als de zelfrijdende supercomputer op wielen een aanrijding veroorzaakt? De autoindustrie, Google, Apple en Microsoft inbegrepen, creëren in het internationale debat rondom die vraag een hoop ruis en doen alsof die vraag zo moeilijk te beantwoorden is. De industrie ziet het liefst dat de rekening wordt betaald door een schadefonds bestaande uit publieke middelen — anders zouden ze deze geweldige innovatie niet op de markt kunnen brengen. Terwijl een zelfrijdend ongeluk juridisch juist heel makkelijk uit te leggen is.

Net als bij een ‘normaal’ auto-ongeluk zullen de bewegingen van de auto’s onder de loep worden genomen en worden getoetst aan de verkeersregels — daar is de blackbox voor nodig. Als blijkt dat de bestuurder met zijn voertuig het ongeluk heeft veroorzaakt, of de auto nou zelfsturend was of niet, dan moet hij (of in de praktijk zijn verzekeraar) de rekening betalen.

Als de auto zelf stuurde, zal de autofabrikant onderbouwd een claim krijgen — de zelfrijdende auto doet namelijk niet wat je van hem mag verwachten: je veilig van A naar B brengen. Een rechter zal vervolgens kijken of de verwachting terecht was, mede ingegeven door dikke stapels aan disclaimers — en hun rechtmatigheid — en de gedragingen van de bestuurder. Eigen gedragingen van de bestuurder, want zolang de risico’s op storingen, hacks en verkeerde inschattingen van zelfrijdende auto’s niet duidelijk zijn en 100% afgedekt — als dat al ooit zal gebeuren —, moet manueel ingrijpen hoe dan ook mogelijk blijven: zoals bij de autopiloot van vliegtuigen.

Dat is ook goed: het dwingt fabrikanten hun systeem éérst veilig te maken voordat ze zelfrijdend met mensenlevens gaan experimenteren. Autobestuurders op hun beurt moeten op blijven letten wanneer ze met hun grasmaaier langs kwetsbare mensenlichamen scheren. De vraag wie aansprakelijk is, is dus helemaal niet interessant en met bestaande wetgeving al bepaald, al is de poging van de industrie om middels dit debat te proberen aansprakelijkheid te verleggen naar publieke geldbronnen, zoals een schadefonds, leuk geprobeerd.

Waar we ons druk om zouden moeten maken is een ethische vraag: wat doet de zelfrijdende auto als het bij een ongeluk het leven van de bestuurder kan redden, door het leven van een (of meerdere) andere verkeersdeelnemers te nemen?

Als zelfrijdende auto-fabrikanten en hun softwareleveranciers denken die vraag te kunnen beantwoorden, laat ze dan ook de rekening betalen.

Dit is de vertaling van het Engelstalige artikel in de Financial Times van NewTeam-partner Danny Mekic’.

Strijden om de toekomst

By | Columns | No Comments

Door de industrialisatie kon een enkele uitvinding op grote schaal worden gefabriceerd, die dankzij de globalisering overal ter wereld kon worden gekocht. Nooit eerder waren er zo veel bedrijven, klanten, producten en diensten die elkaar moesten zien te vinden. Wereldwijd, in alle denkbare talen. Een kolossale ‘regelindustrie’ ontstond om die globalisering te bedienen en producten en diensten onder de aandacht te brengen: van marketeers tot vertalers, een creatieve sector die de meest aansprekende reclame-uitingen wist te maken, tot aan de bedrijven die de commerciële, activerende boodschappen moesten transporteren. Dat ‘regelhuis’ werd een doel op zich.

Ondertussen hebben de technologie-bedrijven uit Silicon Valley die regelbranche beschadigd. De 24 uur waarin marketingcampagnes ons kunnen verleiden tot een aankoop, staan steeds vaker als een snelkookpan steeds meer onder druk. We kiezen er vrijwillig om steeds meer tijd te besteden aan elektronica met daarop Google, Facebook, Twitter, Youtube en andere platforms die aandacht van onze hersenen verkopen aan bedrijven in hun honger naar nieuwe klanten en extra sales. Zij wonnen, maar nu zijn het juist de sociale media die vechten om extra aandacht en tijd van ons, op hun platforms.

Het worden er steeds meer. Uber, dat taxi-chauffeurs en passagiers bemiddelt. AirBnB, dat leegstaande appartementen aanbiedt ten behoeve van short stay, populair onder toeristen. Shapeways, waar ontwerpers hun 3D ontwerp geprint kunnen verkopen aan de consument. Het worden er steeds meer, het worden er te veel. En dus: in de toekomst zullen we ook van enkelen weer afscheid gaan nemen.

Maar niet alleen zij hebben het zwaar, steeds meer industrieën zullen gaan concurreren met de regionalisering mogelijk gemaakt door sociale platforms, en de micro-industrialisatie door 3D printers, terwijl kleinere bedrijven het gaan verliezen door een gebrek aan investeringsmogelijkheden in innovatie van de producten en diensten zelf. Innoveren is geen luxe meer, het is een overlevingsstrategie geworden.

Het zijn drie toekomstvragen die we moeten beantwoorden: hoe zien onze producten en diensten van de toekomst er uit, hoe regelen we marketing en communicatie en hoe kunnen we zelf het beste evolueren tot een platform van vraag en aanbod?

Danny Mekic’ (1987), NewTeam-partner, jurist en technologie deskundige, schreef dit stuk op verzoek van Accenture

Danny Mekic’ geeft gastcollege ondernemen

By | Uncategorized | No Comments

“I Am Danny. 26. Entrepreneur.”

Het zijn de eerste woorden op de sheets van het introductiecollege voor de Minor Entrepreneurship van het Tilburg Center of Entrepreneurship. Speciaal hiervoor is duizendpoot Danny Mekic’ (26) uitgenodigd, die potentiële minor studenten een kijkje geeft in de ondernemingswereld. Univers bezocht het college en sprak na afloop face-to-face met Mekic’.

Mekic’ richtte op vijftienjarige leeftijd zijn eerste bedrijf op en voerde daarmee freelance opdrachten uit voor bedrijven met betrekking tot HTML-codes en scripts. Zijn middelbare school maakte hij niet af: in 5 VWO besloot hij zich fulltime op zijn bedrijf te richten. Hij kwam er later achter dat bepaalde theoretische kennis voor zijn bedrijf onontbeerlijk was en startte in 2007 met de studie Rechtsgeleerdheid in Amsterdam. Ook richtte Mekic het juridische pleitdispuut G.R.O.T.I.U.S. op en was hij mede-auteur van het boek ‘Recht en Web 2.0’, dat 6.000 keer over de toonbank ging. Daarnaast werkte hij als gastdocent voor de Minor Entrepreneurship voor de Hogeschool van Amsterdam. In 2009 werd Mekic door Sprout, het blad voor jonge ondernemers, uitgeroepen tot Ondernemer van het Jaar.

Mekic’ uitnodigen in Tilburg blijkt een goed idee. Hij weet in no time de aanwezige studenten te boeien in het voor driekwart gevulde Gz101. Terwijl Mekic vertelt over zijn loopbaan en de beginselen van het ondernemerschap, kunnen studenten vragen insturen via een speciale app die is ontwikkeld door Jerre Maas, tevens een van de trainers van de minor.

Mekic’ lijkt alle kansen die hij krijgt te grijpen. Zitten er dan geen grenzen aan wat je wel en niet moet doen? Dat wel. ‘Bij een nieuw idee vraag ik altijd aan mijn beste vrienden hoe zij daarover denken. Is het risico niet te groot? Is het haalbaar? Meestal weten ze me dan gerust te stellen en zeggen ze dat het wel goed komt.’

Aan het einde van het college, dat anderhalf uur duurt, kunnen studenten vragen stellen. Het blijft even stil, maar dan vraagt een dappere student of er in Mekic’ strategische adviesbedrijf NewTeam ook stageplekken beschikbaar zijn. Er klinkt gelach uit de zaal en de jongen kijkt wat beduusd als Mekic’ meteen ‘ja’ antwoordt. “En waarom niet?”, vertelt Mekic’ me later. “Natuurlijk bekijken we wel even zijn cv, maar ik weet zeker dat zo’n student zich voor honderd procent inzet. Hij kwam goed over.”

Aan het eind van het college wordt gevraagd wie er van plan is om de minor te gaan volgen. Veel vingers gaan de lucht in. Niet verwonderlijk, ook ik krijg spontaan zin om de minor aan mijn rechtenstudie vast te plakken. De minor bestaat uit de cursussen Entrepreneurship Theory and Practice, Creative Entrepreneurship en Introduction to Corporate Entrepreneurship. Daarnaast krijgen studenten een (webbased) training presenteren en kunnen ze vrijwillig een cursus debatteren volgen.

Voordat ik Mekic spreek, is er een vierkoppig groepje studenten aan de beurt. Een van hen wil graag een cupcakewinkel beginnen, maar ziet obstakels. Mekic vraagt door en terwijl het meisje vertelt, zie ik hoe er op een gegeven moment in haar hoofd een knop omgaat. Een kwartier later loopt ze met haar drie studiegenoten strijdbaar de zaal uit en heeft ze Mekic beloofd om hem per mail op de hoogte te houden van haar vorderingen. Stiekem verwacht ik dat ze een cupcake naar hem gaat vernoemen.

Aangezien Mekic’ zoveel verschillende dingen doet, ben ik benieuwd naar zijn grootste passie. Dat blijkt het onderwijs te zijn. Ik vraag hem hoe hij zijn colleges voorbereid. “Ik begin altijd met actualiteiten”, vertelt hij. “Verder vind ik het belangrijk dat ik de verhalen die ik vertel zelf heb meegemaakt. Vaak wordt er door professoren tijdens de colleges gebruik gemaakt van standaard casussen. Ik wil er graag zelf bij zijn geweest en gebruik die verhalen bij de lesstof.”

Ook zet hij een kritische noot bij het huidige onderwijsbeleid. “Er is te veel keuze, je kunt als kind eigenlijk geen kind meer zijn. Op je vijftiende kies je al een profiel dat in principe bepaalt of je arts of econoom wordt.”

Mekic’ belangrijkste tip is om dingen te ondernemen. “Gebruik je studietijd om zoveel mogelijk te zien en te doen. Probeer wat van de wereld te zien en bedenk wat waardevol is voor je leven. Je kunt je zomer gebruiken om aan het strand te liggen, maar je zou in plaats daarvan ook summerschool kunnen volgen.”

(bron)

Jonge ondernemer en technologiedeskundige Danny Mekić’s verwachtingen van 2013

By | Uncategorized | No Comments

Wat verwacht jij persoonlijk van 2013?

We zijn in een economische crisis terecht gekomen, of tenminste, dat is het naampje dat de stand der wereldorde heeft meegekregen. Volgens de Van Dale betekent crisis dat we in een periode van ‘slapte en werkloosheid’ terecht zijn gekomen, of een ‘gevaarlijke toestand’. Toen het woord in 1763 ontstond werd echter vooral gedoeld op een aanwezig zijnde keerpunt, en dat lijkt ook nu weer het geval te zijn.

Gaat het nu zo slecht met de wereldeconomie of ging het jarenlang –ogenschijnlijk– te goed? De motor is oververhit geraakt: de afgelopen jaren zijn we op meerdere momenten, op verschillende manieren en op meerdere terreinen tegen de beperkingen aangelopen van ‘het systeem’, noem het de economie, waar we in gebotteld zijn. We hebben onze spieren verrekt, de motor moet afkoelen, we hebben ook geen keuze. Je zou de crisis ook een natuurlijke herverdeling kunnen noemen van vraag en aanbod, omdat de westerse wereld jarenlang in luchtkastelen heeft geleefd.

Toen ik in de rivier de Ardèche met mijn raft in een verkeerde stroming terecht kwam, sloeg hij om. Tijdens rafttrainingen wordt je geleerd geen verzet te geven aan sterke stromingen, dat verlies je toch, maar jezelf juist te beschermen en in veiligheid te brengen: proberen op je rug te blijven drijven terwijl je met je handen je hoofd beschermt. Zodra het weer wat rustiger wordt, is het juist zaak dat je met veel kracht en energie uit de verkeerde stroming probeert te zwemmen.

En dat is volgens mij precies wat mensen, maar ook de organisaties waar ik als consultant voor werk, moeten proberen te doen het komende jaar. Voor mij persoonlijk betekent dat héél erg veel lezen en onderzoeken over wat komen gaat, trends en ontwikkelingen die belangrijk zijn voor onze klanten: de stromingen in kaart brengen. En praten met de specialisten binnen de verschillende vakgebieden waar de uitdagingen voor bedrijven vandaan gaan komen, zodat we ze vanuit onze specialismen (technologie, media, communicatie, ondernemerschap en het recht) kunnen helpen voor te bereiden maar ook bij te sturen en, het liefst, optimaal te profiteren als het zover is.

Wat verwacht jij maatschappelijk van 2013?

Een van de grootste uitdagingen van het moment is de veranderende arbeidsmarkt. Het is bijna niet te bevatten wat daar nu gebeurt, omdat de verandering van zoveel verschillende kanten tegelijkertijd komt. Je kunt op twee verschillende manieren naar die arbeidsmarkt kijken: vanuit bedrijven/organisaties, en vanuit werkende (en werkzoekende) mensen. Bedrijven gaan de komende jaren steeds vaker te maken krijgen met krapte op de arbeidsmarkt, hoe gek dat ook klinkt. Alleen in Eindhoven al wordt op dit moment gezocht naar 30.000 hoogopgeleide en technisch geschoolde medewerkers, maar die zijn niet voor handen. Ook binnen groepen vakmensen zoals loodgieters zie je momenteel een grote vraag, terwijl de instroom van loodgieters al jaren minder groot aan het worden is. Die ontwikkeling zal zich over een groter geografisch gebied gaan verspreiden, maar ook andere beroepsgroepen komen aan de beurt. De crisis, of herverdeling, zal alleen vooraf gaan en dat betekent dat het komende jaar heel erg spannend wordt. Veel mensen zullen alsnog hun baan verliezen en anderen zullen het solliciteren en sollicitatiebrievenfabriceren nóg langer vol moeten houden. 2013 wordt daarom denk ik vooral het jaar van het uithoudingsvermogen. Mensen die opgeven zullen weggevoerd worden door de stroming, en niet merken wanneer het tijd is om er uit te zwemmen.

Hoe kun je zo goed mogelijk op de huidige economische situatie inspelen, als ondernemer maar ook al burger?

Het begint met twee duidelijke doelen: wat wil je het liefst bereiken?, maar ook: waar neem je genoegen mee als dat niet lukt? Het beste alternatief. Veel mensen zijn op zoek naar een baan of naar ander werk, maar als je ergens naar op zoek bent is het wel handig om het te kunnen herkennen. En om het je dus voor te kunnen stellen. Maar mijn ervaring is dat het moeilijk is om je heel precies voor te stellen hoe een fijne baan er uit ziet. En toch is het belangrijk daar een beeld of beschrijving van te hebben, waar kijk je anders naar uit?

In plaats van een drankspelletje op de vrijdagavond kun je prima met elkaar een gesprek voeren, vragen stellen, over hoe de ideale carrière van de ander er uit ziet. Welke organisaties daar bij horen. Hoe je die kunt benaderen. Wie je daarvoor moet hebben. Op school wordt je aangeleerd om te solliciteren op vacatures, maar een vacature ontstaat pas –wordt pas gepubliceerd op bijvoorbeeld een vacature website– als het het bedrijf niet lukt om de baan op een andere manier te vervullen. Het plaatsen van een vacature kost tijd en geld, dus een bedrijf zal altijd eerst proberen met bestaande contacten vrijgekomen banen op te vullen, méér dan ooit in crisistijd. Het is dus belangrijk dat je de juiste mensen leert kennen binnen jouw werkterrein, dat je goed nadenkt over waarom ze jóu een baan zouden moeten geven of, als je ondernemer bent, waarom je klanten met jóu zaken willen doen. Wat maakt jou waardevol, of hoe zorg je er voor dat je waardevol wordt? Het is niet alleen belangrijk dat je dat uitdraagt in bijvoorbeeld een sollicitatiebrief of cv, maar dat je je daar zelf ook heel erg bewust van bent. Wat maakt jou anders dan anderen die hetzelfde werk willen doen, of anders dan andere, vergelijkbare ondernemers?

Wat zijn de groeimarkten? Waar is de krimp enorm en waar kun je maar het beste weg blijven? En… klopt dat laatste wel, kan een krimpende markt niet ook interessant zijn?

Een paar van de best presterende groeimarkten zijn Kazachstan, Brazilië, Angola, Chili, Qatar, China en Hongkong en Vietnam. De middenklasse die in veel van deze economieën aan het groeien is neemt een vraag naar consumentenproducten mee, wat zorgt voor bedrijvigheid. Je ziet steeds meer jongeren kiezen voor het avontuur in het buitenland. 30.000 Nederlanders wonen en werken nu bijvoorbeeld in Silicon Valley, het technologiewalhalla van de grote Amerikaanse internetbedrijven, en hebben daar een goed leven. We weten niet wat de toekomst brengt, maar de Nederlanders die nu in Amerika wonen en werken hebben in elk geval een internationaal netwerk, en hebben al bewezen in staat te zijn zich aan te kunnen passen aan een veranderende economie. Dat zorgt voor een betere positie op de arbeidsmarkt.

Wat zijn de voordelen van een crisis?

Een crisis heeft geen voordelen. Wel biedt het meer kansen voor mensen die nog flexibel zijn op de arbeidsmarkt, voor mensen die nog omgeschoold kunnen (en willen) worden en dus in staat zijn de herverdeling, de veranderingen op de economie en in de wereld te kunnen volgen, en zo weer aansluiting te kunnen vinden op de nieuw ontstane arbeidsmarkt.

Dit interview is gepubliceerd in Penthouse

Thijl meeste stemmen in de 1%show

By | Actualiteiten | No Comments

De 1%club is een crowdfunding platform dat mensen met slimme ideeën in ontwikkelingslanden verbindt met mensen, geld en kennis over de hele wereld. Het gaat hierbij om duurzame projecten die overal in de wereld de zelfredzaamheid van individuen stimuleren en de levensstandaard verhogen.

De 1%club organiseert maandelijks de 1%show. In deze online live show worden mensen geïnterviewd waarvan de 1%club gelooft dat zij een verschil maken voor onze wereld en daarmee anderen kunnen inspireren. In de 1%show van januari 2012 stond de vraag centraal wie gaat het verschil maken in 2012? In dat kader werden Aart van Veller (Wij Zijn Koel), John Apesos (MetFarm, winnaar TEDxAwards), Josette de Vroeg (Text to Change) en NewTeam-associate Thijl Klerkx gevraagd om in de show toe te lichten hoe zij in 2012 het verschil gaan maken. De kijkers konden stemmen wie zij beschouwen als de changemaker van 2012.

Thijl ontving de meeste stemmen en kreeg daarom van de 1%club een videocamera. Met deze camera gaat Thijl in 2012 zijn vorderingen vastleggen. Dit zal in de komende 1%shows te volgen zijn. De 1%show van januari 2012 is hier terug te kijken. Het interview met Thijl begint in de 64e minuut.

Thijl Klerkx bij de live 1%show